Bohumil Hrabal: De Koning van de Praagse letteren

Wie was hij?

Theater Zuidpool bewerkte Hrabals roman Al te luide eenzaamheid tot een hooggewaardeerd theaterstuk. Maar wie was Hrabal? 

Korte bio

Bohumil Hrabal (1914 - 1997) was een Tsjechisch schrijver. Hij bracht zijn jeugd door op de bierbrouwerij in Nymburk, waar zijn (stief-)vader bedrijfsleider was. In 1935 begon hij in Praag rechten te studeren, maar de oorlog en het sluiten van de universiteiten en hogescholen gooiden roet in het eten. Hij keerde terug naar Nymburk waar hij enige tijd werkte als perronchef, totdat hij na de bevrijding zijn rechtensudie weer kon oppakken. Hij werkte na die o.a. als vertegenwoordiger van een speeldgoedgroothandel, die in 1948 werd gesloten, als arbeider bij een ijzergieterij en, vanaf 1954, bij een oudpapierdepot in Praag en daarna tot zijn pensioen als toneelknecht. In 1956 trouwde Hrabal met Eliška, beter bekend als Pipsi. Pas in 1962, toen het hem lukte een klein invalidepensioen te krijgen, kon hij het zich permitteren onafhankelijk schrijver te zijn. Zijn omvangrijk verzameld werk werd na de Fluwelen Revolutie in negentien delen uitgegeven.

Meer op Hrabal wiki

In 2000 maakte John Albert Jansen over Hrabal de televisiedocumentaire Het leven is overal. Over leven en dood van de Tsjechische schrijver Bohumil Hrabal. Jansen is één van de gasten tijdens het Salon over Bohumil Hrabal op Vr 23 okt / 17u15 in Perdu, georganiseerd door Theater Zuidpool en te combineren met de voorstelling Al te luide eenzaamheid in de Brakke Grond.

Naar het Salon

Al te luide eenzaamheid

Een voorstelling over een eenzame papierpletter die in een eenzaam stinkhol boeken tot balen papier perst en zodoende in aanraking komt met pareltjes uit de wereldliteratuur. Te zien van 20 t/m 24 oktober in de Brakke Grond. 

Naar de voorstelling

Het Praag van Hrabal

Praag is de stad van Franz Kafka en Jaroslav Hašek (de brave soldaat Švejk) en natuurlijk ook van Bohumil Hrabal (1914-1997). Hrabal is beïnvloed door Kafka, en iedereen kent de term kafkaësk. Maar er bestaat ook zoiets als hrabalesk, volgens Hrabals vertaler Kees Mercks:

"Hrabal haalt Kafka herhaaldelijk in zijn werk aan, misschien minder door de geest van zijn werk: het labyrintische, sombere, uitzichtloze, aarzelende als wel door het stempel dat hij op Praag heeft gedrukt en Praag op hem: je loopt er van de ene herinneringsplek naar de andere. Hij citeert zijn naam, zoals met meer auteurs met wie hij een sterke band voelt, maar zelden gaat hij in op het werk zelf en als hij dat doet, doet hij dat ook via citaten, bijvoorbeeld wanneer hij Lao Tse aanhaalt (Al te luide eenzaamheid) of andere filosofen. Het ‘hrabaleske’ bij Hrabal schuilt eerder in een paradoxale visie op de werkelijkheid: een euforie over de schoonheid van iets nadat de aangekoekte buitenkant verwijderd is en de glanzende kern zichtbaar wordt, de schoonheid van verwoesting wanneer er nieuwe onverwachte vormen worden gecreëerd die verrassen en ontroeren." 

Lees meer in het interview met Kees Mercks op Tzum

Kees Mercks is één van de gasten tijdens het salon over Bohumil Hrabal op Vr 23 okt / 17u15 in Perdu. Georganiseerd door Theater Zuidpool en te combineren met de voorstelling Al te luide eenzaamheid in de Brakke Grond.

Naar het Salon

Salon Hrabal

Meer horen over Hrabal? Op vrijdag 23 oktober 2015 organiseert Theater Zuidpool een Salon rondom Bohumil Hrabal in Perdu. Te gast zijn Kees Mercks (vertaler), John Albert Jansen (documentairemaker), Koen van Kaam (acteur) en Michel Krielaars (NRC Chef boeken en Hrabal fan). 

Naar het Salon

Een liefde voor bier

Wie Hrabals werk kent, denkt onvermijdelijk aan bier. En net zoals Hanta, de verteller in zijn novelle Al te luide eenzaamheid, om de haverklap zijn papierpers verlaat om aan de toog zijn pul te laten vullen, komt de kroeg in de verhalen van Praagse ironie regelmatig terug. Geen toeval, want niet alleen is bier een belangrijk onderdeel van de Tsjechische cultuur, ook werkte Hrabals vader bij een brouwerij. Hrabal zei er later over dat het taalgebruik van de brouwers en de manier waarop ze elkaar verhalen vertellen, een grote bron van inspiratie was. Hrabal had een stamkroeg, De Gouden Tijger in de Husovastraat. Dat is ook waar vertaler Kees Mercks ooit de stoute schoenen aantrok en Hrabal benaderde. 

In de zomer van 2015 ging NRC op zoek naar het Praag (en uiteraard de stamkroeg) van Hrabal.

Lees het hele artikel