De belofte: Meggy Rustamova

Een artikel uit Oogst magazine

Light deportations © Meggy Rustamova 2017

In september opent in de Brakke Grond de eerste Nederlandse solotentoonstelling van Meggy Rustamova: Light Displacement. Oogst wijdde in vol. 5 een artikel aan de Vlaamse kunstenaar, waarin ze vertelt over familie, haar gedachtespinsels en het belang van bestaande foto's in haar werk. 

De tentoonstelling Light Displacement is te zien van 9 september t/m 5 november 2017. Meer informatie.

De belofte: Meggy Rustamova

Door Jozefien Van Beek

 

Moeder en dochter tegen een witte achtergrond, allebei met een zwart truitje aan. Ze kibbelen, onder andere over de witruimte tussen hen in. Deze video van Meggy Rustamova, getiteld M.A.M. (My Assyrian Mother), is tegelijk hyperpersoonlijk en universeel.

            “Mijn initiële idee was om naast mijn moeder te zitten en twintig minuten lang in de camera te staren”, zegt Meggy Rustamova. “Ik wilde een portret maken van haar waarop we allebei tegelijk te zien waren, om de gelijkenissen te tonen, maar ook de verschillen. Een werk dat zou gaan over identiteit en het zoeken ernaar. Met tegenzin en na wat tegensputteren – ‘Waarom ik? Móét dat echt?’ – werkte mijn moeder mee. We zaten in stilte naast elkaar, maar na een tiental minuten voelde ik: dit werkt totaal niet. Ik begon te babbelen, vroeg haar om wat op te schuiven, en tijdens dat licht gepikeerde gesprek besefte ik: dít is het werk; niet mijn initiële idee, maar wat er tussen haar en mij gebeurt. Het is eigenlijk een gevecht om de macht, daarom herkennen zo veel mensen zich erin. Op een bepaald moment zie je mij glimlachen, dat is het eurekamoment*.”

            De film kreeg veel erkenning en werd meermaals vertoond in binnen- en buitenlandse tentoonstellingen. “Mijn moeder begreep dat niet. Ze vond het niks speciaals. Ze zei: dat zijn wíj toch gewoon? En ze vroeg me of ik haar er niet uit kon knippen.” M.A.M. is een van Rustamova’s oudste werken, uit 2009. Ze maakte de film toen ze nog studeerde en ziet hem nu als een scharnierwerk. “Eigenlijk hoef ik er geen uitleg bij te geven, iedereen snapt het. Moeders en dochters, ouders en kinderen, het is een universeel thema.”

            Voor andere films baseert Rustamova zich vaak op bestaande foto’s. Zo stootte ze toevallig op het startbeeld van Waiting for the Secret (2014), een film die onlangs in de vaste collectie van het S.M.A.K. werd opgenomen. Het is een foto van een man die op een stoel op een berg zit. “Iemand toonde me het kiekje op zijn mobiele telefoon, een oud ding waarop je nog net een gepixeld beeld kon herkennen. Hij was net in Iran op zakenreis geweest en had er deze foto genomen. Het beeld greep me meteen aan. Het deed me denken aan Caspar David Friedrichs* Der Wanderer über dem Nebelmeer. Je weet wel, de man die eenzaam in de verte staart terwijl hij filosofeert over leven en dood. Ik hou wel van die zware romantiek. Ik was gefascineerd: wat dóét die man daar? En waarom heeft hij die zware salonstoel de berg op gesleurd?”

            “Pas toen ik het beeld doorgestuurd kreeg, zag ik dat er achter die persoon op de stoel nog iemand zat. En tijdens de montage ontdekte ik dat hij niet zit te filosoferen over de pracht van de natuur, maar op zijn smartphone zit te kijken. Een grote teleurstelling. Maar meteen nadien vond ik dat net relevant, het gaat over het nu. Dit beeld had niet eerder gemaakt kunnen worden. Die man is alleen, maar toch ook niet, want hij is, net als iedereen voortdurend doet, aan het communiceren via sociale media. Dat is toch wegvluchten van onze eenzaamheid? We zoeken voortdurend affirmatie: je bent belangrijk, je bestaat, ik heb het gelezen, ik denk aan jou. Maar hoe echt is dat? Ik heb het gevoel dat mensen nooit eenzamer waren dan vandaag. Al die thema’s heb ik op die man op de berg geprojecteerd.”

            Ook haar film (dis)Location (2013) baseerde ze op foto’s, deze keer uit een reisgids. Ze schept een hele wereld achter elk beeld, legt links tussen mensen die elkaar vermoedelijk nooit hebben ontmoet en creëert zo een fictie binnen de realiteit. “Ik vind het fascinerend om naar een beeld te kijken en te proberen te achterhalen wat de situatie is, bijna als een kinderlijk spel. Als kind deed ik dat de hele tijd. Ik groeide op in Tbilisi, de hoofdstad van Georgië*. Mijn moeder had een grote bibliotheek vol dure boeken waar ik eigenlijk niet aan mocht komen: encyclopedieën, maar ook een paar versies van De kleine prins*, één voor haarzelf en een aantal op voorraad om cadeau te doen. Ik weet nog dat ik de tekeningen uit De kleine prins stiekem inkleurde, of er dingen bij schreef. Maar meestal droomde ik weg bij de prentjes uit al die boeken. Ik begon te fantaseren en verbanden te leggen tussen personages.”

            “Foto’s zullen altijd belangrijk blijven in mijn werk. Van mijn vader, die stierf toen ik heel jong was, heb ik lange tijd maar één foto gehad, een neutrale pasfoto. Heel het beeld dat ik van hem had, heb ik dus opgehangen aan één foto. Dat heeft er zeker mee voor gezorgd dat foto’s zo cruciaal zijn in mijn leven én mijn werk.”

 

 

VOETNOTEN

 

Eurekamoment*
 

Een bekend eurekamoment uit de kunstgeschiedenis: John Baldessari die wat zit te klooien met ronde prijsstickers en ineens dé ontdekking van zijn leven doet. Hij plakt kleurige bollen op de gezichten van mensen, tot de dag van vandaag zijn handelsmerk.
 

Caspar David Friedrich*
 

De beroemdste romantische schilder werd vereerd door de beroemdste dictator: Hitler hield van zijn doeken. De leegte en de mystiek van zijn landschappen, die bevolkt worden door de geesten van Duitse helden, waren voor de Führer het visuele equivalent van de muziek van Wagner.
 

Georgië*
 

Toen Rustamova acht was, vluchtte ze met haar moeder uit Georgië. Nadat de Sovjet-Unie uit elkaar viel, kreeg het land een extreemrechtse president. Rustamova, die een Armeense vader en een Assyrische moeder heeft, werd op school het slachtoffer van racisme. Met daarbovenop de economische problemen was de beslissing om te vluchten snel genomen: “Mijn moeder wou haar kind een betere toekomst geven.”
 

De kleine prins*
 

De auteur van dit wondermooie boek, Antoine de Saint-Exupéry, werd in 1944 uit de lucht geschoten tijdens een verkenningsvlucht boven Kreta uit de lucht geschoten boven de Middellandse Zee. De Duitse piloot die het vliegtuig had neergeschoten, was een grote fan van Saint-Exupéry, sterker nog: door diens verhalen was hij piloot geworden. Zo heeft Saint-Exupéry per ongeluk zijn eigen dood veroorzaakt.