Experten aan het woord #6

Maria Barnas over het werk van Josse Pyl

Het werk van Josse Pyl laat zich zelden in een kader framen. Voor Long In the Tooth creëerde hij een site-specifieke installatie van verschillende klokken en plaatste hij pilaren waarop reliëf tekeningen zijn aangebracht doorheen de ruimte. Kunstenaar en schrijver Maria Barnas ziet haar eigen werk ontwikkelen door de gesprekken met Josse. De tentoonstelling loopt t/m 7 juli.


Dingen die voor mij vanzelfsprekend lijken, zijn voor hem heel vanzelfsprekend anders en dat maakt het gesprek met hem en de confrontatie met zijn werk voor mij zo interessant. Hij volgt een kronkel die ik fascinerend vind, die ik op mijn beurt moet volgen.”

De Experten

In het kader van de expositie Long In the Tooth vragen we drie experten naar de klik met het werk en voornamer, naar het scharniermoment om de kunstenaar op te nemen in hun programma. 
 

#2 Maria Barnas, kunstenaar en werkzaam bij Rijksakademie en Sandberg Instituut

“Als advisor aan de Rijksakademie spreek ik verschillende kunstenaars, maar toen ik Josse bezocht in zijn atelier, heb ik vooral geluisterd. Ik wilde begrijpen hoe hij denkt. In relatie tot zijn werk vertelde hij me toen over een voorliefde voor het werk van cartoonist Wilhelm Busch en hij liet me de tekening zien: een man speelt piano, handen gaan heen en weer over de toetsen. Hij zegt: “het gaat mij over dat ene moment met die handen op die toetsen en hoe die beweging wordt gesuggereerd.” Pas dan zag ik helemaal geen handen meer,  maar allemaal streepjes en accolades om die handen heen.” “Zelf was Josse bezig aan een toetsenbord met kiezen, waarbij elke toets een kies was. Hij wilde deze laten bewegen. Ik zit dagelijks aan mijn toetsenbord en ik vraag me eigenlijk heel zelden af wat die toetsen nu zijn of doen. Daar in zijn atelier werd ik overmand door een vervreemdende honger naar waar ik dag in dag uit mee bezig ben.”

Ik zit dagelijks aan mijn toetsenbord en ik vraag me eigenlijk heel zelden af wat die toetsen nu zijn of doen. Daar in zijn atelier werd ik overmand door een vervreemdende honger naar waar ik dag in dag uit mee bezig ben.

“Intuïtief lijkt het logisch dat hij kiezen gebruikte als toetsen. We denken altijd dat wij de woorden gebruiken, maar misschien gebruiken de woorden ons.” In de huidige presentatie Long In the Tooth alludeert de cirkelvormige opstelling van de tanden uit het gelijknamige werk niet alleen op een bepaalde structuur die wij, mensen, ons aanmeten, de fysieke opstelling kan ook aanzien worden als een open mond, waar woorden gevormd en/of ingeslikt worden. “Josse maakt je bewust van het extreem fysieke aan het verschijnsel taal. Toen ik het een ander werk van hem in Nest zag, was ik toevallig net het boek Mother Tongue van Bill Bryson aan het lezen. Bryson gaat heel snel door de geschiedenis van de ontwikkeling van het spraakvermogen. Wat ons onderscheid van de Neanderthaler is het vermogen om niet alleen te voedsel door te slikken, maar ook om erin te stikken: omdat we rechtop gingen lopen is het strottenhoofd is gezakt. Praten, slikken en stikken hangt dus heel nauw samen. Dat voelt voor mij als iets heel natuurlijks. Je geeft jezelf enorm bloot op het moment dat je gaat praten, zeker voor verlegen mensen zoals ik van nature ben, en Josse volgens mij ook, voelt dat als iets bruuts wat uit je gesleurd wordt. En dat je daar ook van zou kunnen stikken, dat kan ik me goed voorstellen.”
 

In een poging het werk van Josse te categoriseren, stuiten we op twee fronten: enerzijds zien we stripachtige lijntekeningen terugkomen, anderzijds zijn er de vaak machinaal gestuurde objecten. Wil je een betekenis ontwaren moet je zijn methode begrijpen. “De tekeningen willen geen eenduidige boodschap communiceren. Ze kunnen mysterieus zijn en ze kunnen je aan het denken zetten, daarom zijn ze een goed kunstwerk. Meer nog zijn ze gemaakt om iets anders te zijn, vormen ze een aanleiding voor een volgende laag. Dat fenomeen schemert ook sterk door in zijn fysieke objecten. Je ziet de voorwerpen, maar je krijgt het vermoeden dat een communicatie nog zal plaatsvinden. Josse verbindt ze aan techniek en aan de middelen die wij inmiddels hebben om spraakcommunicatie te gebruiken, zoals een toetsenbord of een beeldscherm. Het ziet eruit alsof het spreken tot iets duister verwordt dat uit je monitor wil kruipen. Je hebt de drager van onze communicatie en die wil zelf ook iets eisen. Het grappige is dat het bijna een nachtmerrieachtige manier van denken is, een kind dat vermoedt dat er een mannetje in de radio zit.”

Josse verbindt voorwerpen aan techniek en aan de middelen die wij inmiddels hebben om spraakcommunicatie te gebruiken, zoals een toetsenbord of een beeldscherm. Het ziet eruit alsof het spreken tot iets duister verwordt wat uit je monitor wil kruipen.

Maria volgde zijn praktijk gedurende twee jaar. Voorheen zag ze zijn werk reeds op de Werkplaats Typografie in Arnhem. Je zou haar op zijn minst een expert kunnen noemen, maar daarover laat ze geen twijfel bestaan. “Ik ben een liefhebber, geen expert. Dingen die voor mij vanzelfsprekend lijken, zijn voor hem heel vanzelfsprekend anders en dat maakt het gesprek met hem en de confrontatie met zijn werk voor mij zo interessant. Hij volgt een kronkel die ik fascinerend vind, die ik op mijn beurt moet volgen. Ik kan het verloop niet voorspellen, in tegenstelling tot bij vele andere kunstenaars, dat maakt dat ik altijd en ook nooit uitgekeken raak.”
 

“Waar het werk me in sterkt, is het vertrouwen hebben dat niet alles maar gezegd hoeft te worden of zelfs gepoogd gezegd hoeft te worden. Toen ik begon met schrijven dacht ik: ik moet me zo goed mogelijk oefenen in het nauwkeurig beschrijven van de dingen en dan kan ik een beeld of een ervaring beter overbrengen. Na jaren van oefening kwam het besef dat hoe scherper ik werd in het verwoorden van de dingen, hoe meer ik iets aan het maken was dat eigenlijk niet overeenstemt met de werkelijkheid die ik zogenaamd aan het beschrijven was. Dan wordt een gedicht ook pas interessant natuurlijk. Tot dat besef deed ik maar wat om de beschrijving te staven. Nu kan ik daar veel bewuster mee spelen. Ik laat de taal zelf ook zijn gang gaan. Daarop vertrouwen lijkt soms moeilijk maar het werk van Josse sterkt mij enorm omdat hij echt helemaal niets schrijft. Hij schrijft met de citaten van een vormtaal waar hij zich op baseert. Ze zijn te herleiden tot waar ze vandaan komen. Het is een esthetische maar ook een geestrijke ervaring. Dat is wat mij betreft het hoogst haalbare van een kunstwerk en ook van een gedicht. Ik hoop nog lang met hem te maken te hebben.”

 


▶︎ Meer over de tentoonstelling
Josse Pyl, Long In the Tooth
 


▶︎ De Experten: #1 Valentijn Goethals

“Josse heeft de extremen van ons gebouw compleet omarmd en daarmee een permanente indruk achtergelaten op een plek die zich steeds wil heruitvinden.”